Kennisagenda JGZ: waarom groepsgerichte zorg zo goed past
In gesprek met Annemiek Balt, actieonderzoeker en adviseur zorginnovatie, over de Kennis- en Innovatieagenda Jeugdgezondheidszorg en waarom CenteringZorg daarin als kansrijke werkwijze wordt genoemd.
De Kennis- en Innovatieagenda Jeugdgezondheidszorg 2026-2031 laat zien voor welke opgaven de jeugdgezondheidszorg de komende jaren staat. Preventie, samenwerking en aansluiting bij gezinnen staan onder druk, zo blijkt uit uitgebreid onderzoek onder ouders, jongeren en professionals.
De agenda noemt CenteringOuderschap als voorbeeld van groepsgerichte zorg. Hoe sluit deze werkwijze aan bij de belangrijkste uitkomsten van het onderzoek?
“De inzet op groepsgerichte zorg is één van de prioriteiten in de agenda. De agenda is tot stand gekomen met input van een brede beslisgroep van ouders, jongeren en professionals, aangevuld met interviews en een grote vragenlijst. Daaruit kwam duidelijk naar voren dat zij groepsgerichte zorg zien als een waardevolle aanvulling binnen de JGZ.
Wat daarbij steeds werd genoemd, is de gelijkwaardigheid in deze manier van werken en de herkenning die ouders bij elkaar vinden. Juist dat maakt groepsgerichte zorg anders dan veel bestaande vormen van ondersteuning.”
In de agenda staat dat vertrouwen, preventie en aansluiting bij de leefwereld van ouders onder druk staan. Waarom kan groepsgerichte zorg hier een passend antwoord op zijn?
“Groepsgerichte zorg draait om het benutten van de kracht van de groep. Ouders helpen en ondersteunen elkaar, onder begeleiding van een professional. Dat vraagt vertrouwen: van professionals om het groepsproces ruimte te geven, en van organisaties om hierin te investeren. Maar we zien steeds vaker dat dit vertrouwen terecht is.
De effectiviteit van groepsgerichte zorg wordt steeds beter onderbouwd. Onderzoek laat zien dat het hebben van sterke sociale relaties beschermend werkt voor gezondheid. Door ouders met elkaar in contact te brengen, draagt groepsgerichte zorg bij aan preventie, voor zowel ouders als kinderen.”
Het onderzoek laat ook zien dat ouders behoefte hebben aan erkenning, uitwisseling en steun van andere ouders. Wat maakt groepsgerichte zorg hierin sterker dan losse individuele contacten?
“Groepsgerichte zorg en individuele contacten hebben beide hun eigen waarde en kracht. Maar wat je bij groepsgerichte zorg ziet, is dat ouders niet alleen een relatie opbouwen met een professional, maar ook met andere ouders die in dezelfde levensfase zitten. Dat vergroot de herkenning en zorgt ervoor dat gesprekken beter aansluiten bij hun dagelijkse werkelijkheid.
Uit de beslisgroep kwam bovendien naar voren dat veel mensen niet per se op zoek zijn naar advies van professionals. Ze willen zich vooral gezien en gehoord voelen. En adviezen worden vaak beter ontvangen wanneer ze ontstaan vanuit gelijkwaardigheid en oog voor de persoonlijke situatie. Dat is precies waarom ‘groepsgerichte zorg vanuit gelijkwaardigheid’ een belangrijk speerpunt in de agenda is geworden.”
Over de Kennis- en Innovatieagenda Jeugdgezondheidszorg 2026–2031
De Kennis- en Innovatieagenda Jeugdgezondheidszorg 2026–2031 is opgesteld om richting te geven aan onderzoek, ontwikkeling en innovatie binnen de JGZ voor de komende jaren. De agenda is gebaseerd op een uitgebreid onderzoekstraject, bestaande uit een documentenstudie, een landelijke vragenlijst en interviews met ouders, jongeren en professionals.
In totaal namen circa 1.000 respondenten deel aan het onderzoek. Op basis van deze inzichten zijn de belangrijkste vraagstukken, kennisbehoeften en innovatiekansen voor de JGZ in kaart gebracht en geprioriteerd. De agenda vormt een belangrijke basis voor toekomstige keuzes van onder andere ZonMw, gemeenten en JGZ-organisaties.
De centrale missie: een wereld waarin alle kinderen en jongeren gezond, veilig en met gelijke kansen kunnen opgroeien. En waarin hun stem telt.
De beslisgroep bestaande uit ouders, jongeren en professionals
Lees ook: Kennis- en Innovatieagenda JGZ bevestigt waarde van groepsgerichte zorg


